← Week 38
Deze week
Week 39 — 21 t/m 27 september
Week 3921 t/m 27 september 2026

De arbeidsmarkt

Welvaart § 4.2 en § 4.2.2

🔁

Terugblik

4 min
Bij een negatieve output gap loopt de werkloosheid op. Waarom?
Hoe rekende je de arbeidsproductiviteit uit?
🎯

Doelen

2 min
  • Je kunt beroepsbevolking, werkgelegenheid en vraag naar arbeid correct gebruiken.
  • Je kunt de werkloosheid berekenen en in procenten uitdrukken.
  • Je kunt het verband leggen tussen productie, arbeidsproductiviteit en werkgelegenheid.
📖

Voorbereiden voor de les

1 min

Welvaart § 4.2 — aanbod en vraag op de arbeidsmarkt.

Neem dit over in PLENDA
🧠

Zo werkt het — de begrippen op een rij

11 min

Aanbod van arbeid = de beroepsbevolking = werkenden + werklozen
Vraag naar arbeid = opgevulde vraag + openstaande vacatures
Werkgelegenheid = het aantal werkenden

1
Let op de valkuil: wie niet wil of kan werken hoort niet bij de beroepsbevolking. Scholieren, gepensioneerden en arbeidsongeschikten tellen niet mee.
2
Werkloosheidspercentage = werklozen / beroepsbevolking × 100%
3
Het scharnier met de productiefunctie:
arbeidsproductiviteit = productie / werkgelegenheid
en dus: werkgelegenheid = productie / arbeidsproductiviteit
4
Daaruit volgt iets dat vaak op een toets komt: als de productie met 3% groeit en de arbeidsproductiviteit met 3%, blijft de werkgelegenheid gelijk. Groei alleen levert dus niet automatisch banen op.
🤝

Samen — de cijfers uitpluizen

10 min

Beroepsbevolking 9,2 miljoen · werkenden 8,6 miljoen · openstaande vacatures 0,4 miljoen · productie € 860 miljard

Bereken het aantal werklozen en het werkloosheidspercentage.
Bereken de arbeidsproductiviteit.
Hoe kan het dat er tegelijk werklozen én vacatures zijn?

Even checken

3 min
Telt een fulltime student mee in de beroepsbevolking?
Productie +4%, arbeidsproductiviteit +2%. Wat gebeurt er met de werkgelegenheid?
✏️

Zelfstandig — uit je lesbrief

13 min

Welvaart § 4.2 — maak opgave 4.1, 4.2 en 4.3.

Opgavenummers volgens de studiewijzer van SE1.

🚀

Klaar? Dan dit

  1. Tijdens een recessie stoppen veel mensen met zoeken naar werk. Wat doet dat met het officiële werkloosheidspercentage?
  2. Is dat een eerlijk beeld van de arbeidsmarkt? Onderbouw.
🔄

Afsluiten

3 min
Noem de formule die werkgelegenheid, productie en arbeidsproductiviteit verbindt.
🔁

Terugblik

4 min
Wat hoort er allemaal bij de beroepsbevolking?
Hoe kan er tegelijk werkloosheid én krapte zijn?
🎯

Doelen

2 min
  • Je kunt conjuncturele en structurele werkloosheid onderscheiden.
  • Je kunt binnen de structurele werkloosheid de drie soorten benoemen.
  • Je kunt per soort werkloosheid passend beleid noemen.
📖

Voorbereiden voor de les

1 min

Welvaart § 4.2, en lees daarbij § 4.2.2 goed door.

Neem dit over in PLENDA
🧠

Zo werkt het — vier soorten

11 min
1
Conjuncturele werkloosheid ontstaat door vraaguitval: de productie zakt onder Y*. Zij verdwijnt vanzelf als de economie aantrekt.
2
Frictiewerkloosheid: tussen twee banen in, of tussen opleiding en eerste baan. Altijd aanwezig, en niet erg.
3
Kwalitatieve structurele werkloosheid: mismatch tussen opleiding of ervaring en de openstaande vacatures.
4
Kwantitatieve structurele werkloosheid: arbeidsplaatsen verdwijnen, door robotisering of door verplaatsing naar lagelonenlanden.

Beleidsregel om te onthouden: conjuncturele werkloosheid bestrijd je met bestedingsbeleid, structurele werkloosheid met scholing en arbeidsmarktbeleid. Wie een recessiepakket inzet tegen een mismatch, verspilt geld.

🤝

Samen — welk type is dit?

9 min
  1. Een fabriek sluit omdat de productie naar Vietnam verhuist.
  2. Een net afgestudeerde zoekt drie maanden naar werk.
  3. In een recessie ontslaat de bouw duizenden mensen.
  4. Een vrachtwagenchauffeur wordt overbodig door zelfrijdende trucks.
  5. Een timmerman zonder diploma vindt geen werk terwijl er vacatures voor installateurs openstaan.
Benoem per geval het type én het passende beleid.

Even checken

3 min
Welk type werkloosheid verdwijnt vanzelf als de economie aantrekt?
Welk type los je op met omscholing?
✏️

Zelfstandig — uit je lesbrief

13 min

Welvaart § 4.2 — maak opgave 4.13.

Nog niet af? Werk dan eerst 4.1, 4.2 en 4.3 bij.

Opgavenummers volgens de studiewijzer van SE1.

🚀

Klaar? Dan dit — Zuidoost-Drenthe

Beroepsbevolking 95.000 · werkenden 87.000 · openstaande vacatures 4.500, vooral in IT en zorg op hbo-niveau · van de werklozen is 65% ouder dan 50 en heeft 70% mbo-niveau of lager.

  1. Bereken het werkloosheidspercentage.
  2. Welk type werkloosheid overheerst hier? Onderbouw met de gegevens.
  3. Geef drie maatregelen en zet ze op volgorde van snelheid van effect.
🔄

Afsluiten

3 min
Waarom werkt een bestedingsimpuls niet tegen een mismatch?
🔁

Terugblik

4 min
Noem de vier soorten werkloosheid.
Welke twee daarvan zijn structureel én beleidsmatig te beïnvloeden?
🎯

Doelen

2 min
  • Je kunt arbeidsmarktgegevens uit een tabel halen en verwerken.
  • Je kunt output gap, werkgelegenheid en werkloosheid in één redenering combineren.
🧠

Zo werkt het — alles aan elkaar knopen

10 min

Een land met Y* = 480 miljard bij 6 miljoen banen, feitelijke productie Y = 400 miljard, beroepsbevolking 6,8 miljoen.

1
Arbeidsproductiviteit = 480 / 6 = 80.000
2
Werkgelegenheid bij Y = 400 / 80.000 = 5 miljoen
3
Structureel werkloos = 6,8 − 6 = 0,8 miljoen
Conjunctureel werkloos = 6 − 5 = 1,0 miljoen
4
Output gap = 400 − 480 = −80 miljard, ofwel −16,7% van Y*. Dat past bij die forse conjuncturele werkloosheid.

Dit sommetje verbindt week 36, 37 en 39 met elkaar. Kun je het vlot maken, dan heb je een groot deel van SE1 in de vingers.

🤝

Samen — variëren op het sommetje

9 min
De regering stimuleert en Y stijgt naar 448 miljard. Bereken de nieuwe werkgelegenheid en de nieuwe conjuncturele werkloosheid.
Kan de conjuncturele werkloosheid onder nul zakken? Wat zou dat betekenen?
Hoe verandert de structurele werkloosheid door dit beleid?

Even checken

3 min
Welk deel van de werkloosheid blijft bestaan als Y = Y*?
✏️

Zelfstandig

16 min

Werk je opgaven van deze week af: Welvaart 4.1, 4.2, 4.3 en 4.13, en lees § 4.2.2 nog eens door.

Klaar? Werk dan deze casus uit.

Een land heeft een potentiële productie van € 750 miljard bij 8,5 miljoen banen. De feitelijke productie is € 690 miljard. De beroepsbevolking telt 9,3 miljoen mensen.

  1. Bereken de arbeidsproductiviteit en de werkgelegenheid bij de feitelijke productie.
  2. Bereken de structurele en de conjuncturele werkloosheid.
  3. Bereken het totale werkloosheidspercentage.
  4. De regering wil de werkloosheid met een derde terugbrengen. Leg uit welk deel zij met bestedingsbeleid kan aanpakken en welk deel niet.
🚀

Klaar? Dan dit

Stel dat de arbeidsproductiviteit in dit land met 4% stijgt terwijl de productie gelijk blijft.

  1. Bereken de nieuwe werkgelegenheid.
  2. Is stijgende arbeidsproductiviteit goed of slecht nieuws voor werknemers? Onderbouw met een korte- en een langetermijnargument.
🔄

Afsluiten

2 min
Welke som van deze week moet je nog een keer oefenen?
📅 Hele planning van dit blok
Les
00:00
← → of spatie · Esc sluit